De evolutie van de belgische bevolking: van een piramide naar een afgeplatte bol

Wanneer we kijken over een periode van 100 jaar, zien we een grote verschuiving in de bevolking. In 1880 spraken we van een strakke driehoek, met veel jongeren en steeds minder ouderen. In 2000 is van die driehoek niets te merken. Een smalle basis jongeren en de grootste groep tussen 30 en 50 jaar. Boven de 50 jaar daalt het aantal maar heel langzaam.

De tekening spreekt voor zich: van een bijna perfecte driehoek met een grote basis jongeren, en een smalle top ouderen. 

Met deze ervaring werd in de 19de eeuw het wettelijk pensioen gedefinieerd door Otto Von Bismarck. 

De levens verwachting was toen ongeveer 47 jaar. Het pensioenstelsel stelde toen al de pensioenleeftijd van 65 jaar voor. Heel weinig mensen konden dus genieten van hun pensioen. 

Als we dit even willen vergelijken met vandaag: met een levensverwachting van 79 jaar, zou Otto Von Bismarck vandaag de pensioenleeftijd bepalen van 117 jaar!



Pyramide van 1881



Pyramide van 2004

Het hoeft niet veel uitleg: met een pensioenleeftijd van 65 jaar vandaag kan je dus niet meer dezelfde regels gebruiken als in de tijd van Otto Von Bismarck. Heel veel mensen zullen met pensioen gaan, tegenover enkele uitzonderingen vroeger. Dat betekent dat je zeer grondig het pensioenstelsel en zijn financiering moet herdenken


De pensioenen laten financieren door de actieven (via hun bijdragen op het loon), en hiermee de gepensioeneerden uitbetalen, kan niet meer. De verhouding actieven-gepensioneerden is helemaal gewijzigd, de levensverwachting is toegenomen. 


De pensioenen betalen kan dus enkel maar als:

- De Staat steeds meer schulden maakt om zo al de gepensioeneerden te betalen. Daarna zullen de belastingen moeten verhogen om die schulden te betalen

- De pensioenen zelf niet voldoende worden geindexeerd of welzijnsvast blijven

- We langer blijven werken dan 65 jaar zodat de groep actieven groter blijft


Besluit: de evolutie van de bevolking heeft voor een groot onevenwicht gezorgd. Minder jongeren door verminderde nataliteit, langere levensverwachting zorgt voor meer gepensioneerden. Hierdoor kan de actieve bevolking niet meer de pensioenen blijven betalen. Andere oplossingen moeten gezocht worden. Ook zelf zijn pensioen opbouwen is een deel van de oplossing. Vandaar het pensioensparen, dat ieder zelf kan opbouwen.